Bewonersparticipatie bij zonnepark Eekerpolder

Jaap Keuning, energiecoöperatie Eekerpolder

Jaap Keuning is woordvoerder van de Groninger Energiecoöperatie Eekerpolder en heeft een turbulent jaar achter de rug. Er was een radicaal andere aanpak nodig om zijn dorpsgenoten uit Meeden mee te krijgen voor het nieuwe zonnepark in de Eekerpolder. Uiteindelijk lukte het om samen met duurzame energieleverancier Solarfields, binnen negen maanden de gemeentelijke vergunning te verkrijgen. Die was nodig voor het indienen van de SDE subsidieaanvraag voor het park. Belangrijk voor het dorp Meeden, want de subsidie maakt een goed renderend park mogelijk, waarvan zij voor de helft eigenaar zullen zijn. Jaap vertelt over zijn overwegingen en keuze.

“We houden grip en het levert wat op. Dat is een échte trendbreuk met verleden. Tot nog toe waren we een wingewest: we zijn een aardbevingsgebied en er kwam ook nog een windmolenpark, zonder enige inspraak of opbrengst voor de lokale gemeenschap. Mensen zijn dus activistisch als het gaat om nieuwe initiatieven. Maar met het zonnepark in het Eekerpolder is dat omgedraaid: we zien het als een voorbeeldproject voor duurzame energie.”

“Solarfields is één van de weinige ontwikkelaars die lokaal eigendom echt serieus neemt. Als we ideeën, aandachtspunten of zorgen op tafel leggen, dan luisteren ze daar naar en doen we daar wat mee. We ontwikkelen samen een breed gedragen plan, van onderop in plaats van bovenaf.”
– Jaap Keuning, Energiecoöperatie Eekerpolder

Eigendom niet het belangrijkst

En toch was het lokaal eigendom niet de belangrijkste drijfveer om – na alle negatieve ervaringen – toch aan de slag te gaan voor een nieuw energieproject met zon. Het windmolenpark dat er zonder inspraak kwam, is sinds enkele maanden in bedrijf en staat plaatselijk bekend als ‘het red light district’. Vanwege de knipperende lampjes ’s in het nachtelijke polderlandschap. 

Jaap Keuning, “Het is in onze achtertuin gebouwd en we hebben er geen voordeel van. Meeden dreigde het kind van de rekening te worden. Er staat veel te gebeuren op het gebied van energietransitie. De komende jaren komt er misschien nog zo’n 2000 ha aan zonnepanelen bij in deze omgeving. Dat is iets wat veel mensen zich langzaam beseffen. Provincie en Midden-Groningen hebben dit gebied aangewezen wat resulteert in een stortvloed van aanvragen. Dan kunnen we twee dingen doen: dwarsliggen óf zien grip te krijgen op de situatie.  

Grip houden

Voor Keuning en de medevrijwilligers in de lokale coöperatie draait het dus vooral om grip houden. Ook Solarfields werd gezien als grote ontwikkelaar en niet persé positief ontvangen.

Keuning had al eerder ervaring met de coöperatieve opzet van een kleinschalig zonnepark (2,5 ha) dat nu goed rendeert. Dat stelde de lokale club van vrijwilligers in staat om experts van adviesbureau Econnetic in te huren. Keuning: ”Daaruit kwam naar voren dat Solarfields een betrouwbare partij is én ze staan open voor verregaande participatie. We hebben gezegd ‘wij zijn het dorp Meeden en we willen het plan mee-ontwerpen zodat het park goed in het landschap past’. Want het is wél het gebied waar wij wonen, een fietspad hebben en in de toekomst iets willen toevoegen op het gebied van recreatie en ecologische ontwikkeling. 

We stapten er samen in en leerden van elkaar: Solarfields over de wijze waarop wij draagvlak organiseren. En wij hoe je vertrouwd op een ontwikkelaar kunt leunen die met een open begroting laat zien hoe ze het park bouwen.”

Het zonnepark Eekerpolder is met 150 ha en een investering van meer dan 50 miljoen euro, een grootschalig park dat zich ook nog eens over de grens van twee gemeenten uitstrekt: Midden-Groningen en Oldambt. Keuning: “Het is een megaproject. De vraag is dan, kan onze coöperatie dat behappen?  We werken hier met acht zeer actieve leden aan, maar die hebben van dit soort structuren natuurlijk geen kaas gegeten. Solarfields heeft goede connecties, het is een goede bouwer én ze hebben de financiële expertise. Daar waar nodig laten wij ons adviesbureau, over onze schouder meekijken.”

Lokaal eigendom zonnepark

In de Regionale Energie Strategie wordt lokaal eigendom gepropageerd. Dat kan op veel manieren. Lylian Dwarkasing is projectleider bij Solarfields voor Eekerpolder: “Toen wij begonnen zijn we eerst naar de gemeente gegaan, zoals we dat normaal altijd doen. We kijken eerst of het park in het beleid past en of men medewerking wil verlenen. De gemeente Midden-Groningen gaf direct aan dat er weerstand zou zijn in Meeden. Juist vanwege het verleden met het windmolenpark. We moésten het dorp meekrijgen, daarom streven we naar 50% lokaal eigendom. Dat kunnen we flexibel invullen. Wij bieden coöperaties bijvoorbeeld de mogelijkheid om op verschillende momenten in te stappen. We stemmen de prijs en het rendement dan af op de voortgang in de realisatie van het park en op het risiconiveau.”

Omdat Keuning al ervaring had met het kleinschalige zonnepark Zuidbroek, werd hij als woordvoerder gevraagd. Gelijkwaardigheid en zeggenschap was het uitgangspunt voor de ontwikkeling. Dwarkasing: “Als een lokale coöperatie voor de helft eigenaar wil worden, betekent dat eerlijk delen van de lusten en de lasten. We maken een taakverdeling op basis van ieders sterke kanten én we leren van elkaar. De coöperatie leert ons over de lokale omstandigheden, de geschiedenis en organiseert de participatie. Wij delen onze kennis over de meer technische zaken zoals de onderzoeken, de bouw en de financiering. Daarnaast hebben wij veel ervaring met vergunningsprocedures. Jaap en zijn mensen zetten zich in voor creëren van draagvlak met behulp van participatie en het realiseren van financiering van het lokaal eigendom. Hij heeft zich enorm ingespannen voor het overleg met omwonenden en zat aan tafel met de partijen over de inrichting en de financiering van het bewonersdeel. Ondanks dat de coöperatie Meeden net begint, was er vanwege het eerste zonnepark al veel kennis en een groot netwerk. Jaap’s rol is best uniek te noemen. Bij de gemeente en de provincie kennen ze hem goed.”

Verdeling van opbrengsten

Al bij de start van de ontwikkeling werd ook nagedacht over een systeem voor het verdelen van de opbrengsten. Keuning: “Een grote instroom van geld kan al snel leiden tot onenigheid. We hebben met de notaris, gemeente en dorpsraden zitten sparren. Daar kwam uit dat we als coöperatie een rentmeester aanstellen die de boekhouding voert en in overleg met de dorpen en verenigingen voorstellen uitwerkt voor het verstrekken van giften en leningen. Jaarlijks en met een transparante begroting waar iedereen z’n zegje over kan doen.” Maar de coöperatie wil verder gaan dan collectief voordeel. Bewoners krijgen de mogelijkheid individueel deel te nemen door obligaties aan te schaffen én er wordt gedacht over de oprichting van een eigen lokale energiemaatschappij die vanuit het zonnepark de omgeving van voordelige energie kan voorzien.

Chaos

Keuning: “We weten dat er in de toekomst nog meer energieprojecten zullen komen; zon én wind. De gemeente zegt: ‘wij hebben zoekgebieden, jongens, dien maar plannen in’. In onze dorpen vraagt men zich af: ‘willen we dat allemaal wel? Hoe kan dat in het landschap? Hoeveel parken willen wij?’  Door chaos ontstaat onduidelijkheid, er komen actiegroepen en een slechte verhouding met het gemeentebestuur… Dat is niet wat we willen. Dan denken wij samen met Solarfields, het kan slim zijn om orde te scheppen in de chaos.”

Binnen de coöperatie wordt daarom hardop gedacht om samen met gemeente, provincie en ontwikkelaar een blauwdruk te maken voor nieuwe projecten. De Eekerpolder is daarvoor het startpunt. “Het is een ideale locatie: Volledig ingesloten tussen twee hoge dijken, helemaal uit het zicht. Gerealiseerd in goed overleg met het dorp en de gemeente, aandacht voor ecologie en recreatie. Kortom het is helemaal omgedraaid en we maken er nu samen een voorbeeldproject van. Dán ben je samen op de goede weg en dat is wel iets nieuws in Nederland hoor.”

Oldambt nog…

Hoe belangrijk de rol van een actief gemeentebestuur is, blijkt wel in de Eekerpolder, waar de vergunning én de subsidie voor het deel dat in Midden-Groningen ligt al geruime tijd rond is.

Voor het deel in Oldambt is nog geen vergunning verstrekt, omdat die gemeente nog geen beleid heeft ontwikkeld. Dat levert financieel nadeel op voor de inwoners van Oldambt. Projectleider Lylian Dwarkasing: “De subsidies worden geleidelijk afgebouwd. Een jaar later subsidie betekent aanzienlijk minder opbrengst voor de omgeving. We hebben nu al de situatie dat Midden-Groningen minder hoeft in te leggen en meer rendement zal hebben. Het is dus zaak om voor het Oldambtdeel dit jaar wél de subsidieronde te halen.”